Promotie Heleen Eising – Towards tailoring care in the gynaecology for women with bleeding disorders
Op 19 februari 2025 promoveert Heleen, gynaecoloog, bij de Universiteit Maastricht op het proefschrift ‘Towards tailoring care in the gynaecology for women with bleeding disorders’.
Het doel van haar onderzoek is om in de gynaecologie op verschillende manieren meer aandacht te creëren voor vrouwen met stollingsproblematiek. Zoals eerder onderliggende stollingsproblemen ontdekken door inzet van een gestructureerde vragenlijst, aandacht voor counseling operatieve behandelstrategieën bij vrouwen met stollingsproblemen en aandacht voor de maatschappelijke impact van stollingsproblemen voor vrouwen.
Het onderzoek werd opgebouwd vanuit de vragen:
Resultaten en implicaties voor de praktijk
De uitgevoerde studies geven aan dat er bij vrouwen met een stollingsprobleem vaker een baarmoederverwijdering plaats vindt, waar mogelijk een minimaal invasieve ingreep zoals endometrium ablatie ook zinnig had kunnen zijn. Het is waardevol om voor start van enige behandeling vanwege hevige menstruaties bij (jonge) vrouwen eerst een stollingsanamnese uit te vragen gecombineerd met het door de patiënt in laten vullen van een gestructureerde vragenlijst zoals de Self-bleeding assesment tool (self-BAT). Bij een afwijkende score, deze is afhankelijke van de leeftijd, kan aanvullend laboratoriumonderzoek worden ingezet. De sociaal-economische impact van niet erkende stollingsproblemen is voor veel vrouwen groot. Het blijkt nog steeds lastig om over deze complexe problematiek zowel privé als op de werkvloer te praten, met name omdat taal en interpretatie vanuit ieders perspectief erg verschillend kan zijn. Inzet van specifieke kunst als ‘derde oog’ in combinatie met een methode zoals narratieve geneeskunde wordt door zorgverleners en patiënten als een plezierige ontdekking ervaren en maakt het gemakkelijker om met elkaar over taboe onderwerpen te spreken.
Enkele studies konden worden uitgevoerd door ontvangen subsidies van van den Tol stichting en het wetenschapsfonds van Gelre Ziekenhuizen.